zondag 25 februari 2024

Primeur?

Ik luister graag naar Umberto op de radio, vrijdagmiddag van 14.00 tot 16.00 uur. De vooraankondiging is veelbelovend. Een item over een bijzondere ontdekking van een wetenschapper van een kruid uit de tijd van de Romeinen, Het is een wereldprimeur. Maakten de Romeinen gebruik van een hallucinerend kruid? Ja,  de Romeinen maakten al gebruik van kruiden met een hallucinerende werking. Dat weten we dankzij archeoloog Martijn van Haasteren en collega's. Zij ontdekten een hol schapenbotje, afgesloten met een dopje gevuld met bilzekruid. Daarmee is bewezen dat de Romeinen dit kruid doelbewust gebruikten. Ik luister met stijgende verbazing. Is er helemaal geen communicatie tussen wetenschappers?  Moet nu echt iedereen zelf zijn of haar eigen wiel uitvinden.? Ik ben geen wetenschapper maar ik wist dit al. Hoe wist ik dit?  Ik blader razendsnel door de catalogus in mijn hoofd en zie al snel de kaft voor me van het boek waarin ik dit gelezen heb, Ik weet de titel niet meer. Ik ga zoeken in mijn boekenkast en hoop dat ik boekje niet heb weggedaan bij de verhuizing, ruim 8 jaar geleden. Als snel vind ik het boekje. De titel is "Ondergang in bedwelming", de ondertitel ; Drugs en giften in het West-Romeinse Rijk. Het is geschreven door dr,Fons Rutten, apotheker en farmaciehistoricus. Hij studeerde farmacie, biochemie, Romeins recht en muziekgeschiedenis. Het boek is gepubliceerd in 1997 en beschrijft een minder bekende oorzaak van de val van het West Romeinse Rijk, namelijk door het gebruik van drugs. 

Martijn van Haasteren durft geen uitspraken te doen over het gebruik van het bilzekruid door de Romeinen. Fons Rutte doet dat wel. Hij is ervan overtuigd dat de Romeinen het kruid gebruikten als een van de ecodrugs. Hyoscyamus niger L. - bilzekruid behoort tot de nachtschadefamilie, waartoe ook Atropa belladonna L.- wolfskers en Datura stramonium L.- doornappel behoren, Deze kruiden werden allemaal gebruikt.

Dodonaeus (kruidendeskundige uit 1500) laat er geen twijfel over bestaan wat de gebruikers van deze gewassen te wachten staat; "het verstand wordt benomen alsof ze razende waren. Sommighe worden daer door quellyck ende krakeelachtigh, andere bly ende verheugt . Deze groene deliria bevatten giftige belladonna en tropaanalkaloïdenm, waarvan de belangrijkste zijn atropine, scopolamine en  hyoscamine.

De werking van de tropaanalkaloïden uit zich in prikkeling van het centrale zenuwstelsel, vrolijkheid, dorst, verhoogde polsslag en pupilverwijding. Romeinse priesters dronken een infuus van bilzekruid om in contact te komen met hun oorlogsgodin Bellona. Ook bij voorspellende orgiën en rituele moorden speelde bilzekruid een rol. De hallucinerende kruiden werden gerookt  en toegevoegd aan wijn. Het is dus wel bekend wat de Romeinen deden met bilzekruid en hoe en wanneer ze het gebruikten. Het is me wel een raadsel hoe ze het wisten te doseren zonder er dood aan te gaan. 


vrijdag 2 februari 2024

fietsen

Ben je op de fiets???? vraagt de mevrouw die de deur voor mij opent van een ruimte waar ik voor Velt een moestuincursus organiseer. Het gaat 8 graden vriezen en ik moet ongeveer 12 km fietsen heen en om 22.30 weer 12 km terug naar Randwijk. 

Met die kou; voegt ze er nog aan toe. Ik ben zeker niet van de afdeling vroeger was alles beter, integendeel. Ik vind deze tijd op een heleboel punten. een heerlijke tijd. Maar er is wel een fenomeen dat ik mis. Iets dat alleen maar schaarser zal worden. En dat zijn de winters van vroeger.  Dus ik zeg tegen de aardige mevrouw. Kou?  Nee dan vroeger, toen was het pas koud. Haar man valt me bij en haalt de winter van 1963 aan. Toen is het drie maanden niet boven nul graden geweest, hoor ik van mijn lief. De Rijn en de Waal waren dicht gevroren. De juffrouw die in Arnhem woonde kwam lopend over de Rijn naar school in Driel. Ik herinner me niet de kou, wel dat ik mijn eerste schaatswedestrijd won op de kolk van Driel. Ik was zeven jaar en schaatste tegen grote meiden van negen jaar. Ik vond het helemaal niet goed gaan, maar ik was wel de snelste. 

Ik hou van de winter, van buiten zijn op gure dagen. Van vechten op de fiets tegen de wind in. Binnenkomen na een wandeling of fietstocht in de kou of regen. Ik hou van donker en zelfs van wekenlange novemberregens, die ervoor zorgen dat ik de buitenruimte voor mezelf heb. Ook hou ik van de blik van verstandhouding met de schaarse mens die je tegenkomt als het slecht weer is. Ik hou van weer voor de echte buitenmens.

Heel vaak vragen mensen mij: Ben je op de fieieiets? Aan de toon kan ik horen wat ze er van vinden. Soms klinkt er verwondering, ook wel eens bewondering, maar meestal vinden ze het raar. Zeker als ik 's avonds nog ruim 20 km door een donkere Betuwe moet fietsen. Ze zullen ook nooit begrijpen dat ik daar erg van geniet. Eindelijk stil en de weg voor mij alleen. Ik ga eens wat vaker vragen: Ben je met de autoooo? Vroeger, toen het nog echt koud was, vroeg nooit iemand: Ben je op de fiets? Fietsen was de norm. Oh heerlijke oude tijd, bijna zonder auto's.

In de krant lees ik over een onderzoek naar de invloed van de inrichting van de openbare ruimte op (over)gewicht. De onderzoeker noemt het begrip drivability, In veel gebieden worden volgens hem de mensen de auto in gedwongen omdat de winkel te ver weg is. Wat te ver weg is om te fietsen of te lopen is een rekbaar begrip. Ik vind sowieso alles tot 20 km fietsafstand met een niet elektrische fiets. Maar ik ken ook mensen die voor 300 m de auto nemen. Omdat op dit moment de Lingebrug voor auto's is afgesloten  moeten Randwijkers die in Zetten boodschappen willen doen een flink eind omrijden. Voor fietsers is er een noodbrug. Toch zie ik weinig mensen fietsen van Randwijk naar Zetten (3 km). Ik kom van de tandarts (Oosterhout) en fiets langs een basisschool in Herveld, het is bijna half drie de school gaat uit. Het is een heel klein dorpje maar het staat helemaal vol met auto's en daarom zijn er klaar overs nodig. Heel verdrietig dat ouders niet de moeite nemen om met hun kinderen te fietsen, het gevolg is dat de kinderen die nog wel fietsen onnodig bloot gesteld worden aan gevaar. Ik geloof niet zo in de drivability. De meeste mensen zijn gewoon lui. 

Ik ben niet optimistisch over het fiets gebruik van de Nederlanders. Zeker niet op het platteland. Er worden steeds meer fietsen verkocht maar de meeste mensen zijn mooi weer-rondje fietsen mensen. 

Zo worden die koude winters steeds schaarser. 

maandag 15 januari 2024

TE VROEG?

 Was ik te vroeg met het organiseren van de lezing van Martijn. In de lezingenreeks met als titel "Verwondering", had ik Martijn van den Huijssen van de Groene Vallei gevraagd om  te komen vertellen over en laten zien wat de zichtbare verschillen zijn tussen bijvoorbeeld een tomaat uit de supermarkt en een biodynamisch geteelde tomaat. Martijn onderzoekt door middel van chromatografie en stijgbeelden plantensappen en grondmonsters. Hij neemt plantensappen van biologisch, biologisch dynamische en gangbare producten en toont verschillen aan. Die verschillen zijn zeer zichtbaar en kun je uitleggen in de vorm van veerkracht. Je kunt er ook naar kijken en niet direct een oordeel hebben over de betekenis. Van de ruim dertig aanwezigen bij de lezing zijn er drie weggelopen. Ik let altijd op de aanwezigen. Het grootste gedeelte van de mensen zat met shiny eyes te kijken. Dan weet je dat ze geraakt zijn. In mijn shiny ogen was de lezing zeer geslaagd. Bij de nabespreking met de mensen, waarmee Velt een samenwerking is aangegaan, krijg ik te horen dat ze het niets vonden. Omdat ze ook voor ons mede de publiciteit verzorgen moeten ze er wel achterstaan wat er wordt verteld. Ik sputter tegen en begin uit te leggen. Maar de wetenschap wordt erbij gehaald. Ik probeer nog dat fenomenen in de natuur niet wetenschappelijk aan te tonen zijn. Ik voel dat er iets niet klopt in het gesprek. Ik voel dat ik iets ervaar in de natuur wat zij niet ervaren. Maar ik kan er geen woorden voor vinden en hou mijn mond. Ik buig het hoofd. In de krant van zaterdag 13 januari, vind ik de woorden, 

In het artikel "Blootsvoets in het bos voel ik me oermens, beschrijft Merel Deelder haar zoektocht naar verbinding met de natuur.  Om antwoorden te vinden verdiept ze zich in het werk van Matthijs Schouten, ecoloog en filosof. "Matthijs Schouten noemt het natuurschaamte waar we aan leiden. We moeten de dominerende rationele blik waarmee we de wereld aanschouwen loslaten, Die benadering volstaat niet om te omschrijven wat je voelt in de natuur. Matthijs noemt het een verliefdheid, voelen, ervaren, een relatie en betekenisvol verbonden zijn met de natuur. Volgens Schouten schamen we ons voor dat tweede domein, "De natuur ingaan en je daardoor laten raken, je misschien zelfs verliefd voelen, dat noemen we "subjectief", Dat is iets voor in het weekend en mag vooral niet verweven raken met serieuze zaken als ons werk"; aldus Matthijs. 

Dat had ik moeten zeggen tijdens de evaluatie en ik wist dit allemaal wel, maar kon er op dat moment geen woorden voor vinden. Hoe leg je dat gevoel uit? Door een schrijfopdracht ben ik mijn tuin en in de natuur zijn heel anders gaan ervaren. De opdracht was: beschrijf je favoriete plek in Randwijk met je zintuigen, ruiken, voelen, kijken, horen. (zie blog September, 6 oktober 2022) Mijn favoriete plek in Randwijk is mijn tuin. In het verhaal September beschrijf ik mijn tuin. Ik beschrijf wat ik ervaar in mijn tuin. Het helpt dat september mijn favoriete maand is. Ik heb moeten leren om bewust zonder tuingereedschap met de handen op de rug langzaam een ronde in de tuin te lopen. Sinds die opdracht is mijn gevoel bij de tuin veranderd. Voor de opdracht liep ik vooral in de tuin klusjes op te tellen en na te denken of dat zou gaan lukken in een dag. Nu is er een gevoel van lichtheid, blijheid en ontspanning als ik in de tuin loop. Ja, je zou het verliefdheid kunnen noemen. 

De lezing/workshop van Martijn heeft dat gevoel versterkt. Niet uitleggen, geen wetenschappelijk bewijs. De natuur is een groot wonder en wij mogen dat elke dag ervaren. 


zondag 19 november 2023

Kwakzalvers?

"Kwakzalvers en charlatans zijn het". Coen Verbraak interviewt in een radio programma drie mensen die werkzaam zijn in de gezondheidszorg. Het gaat over zogenaamde alternatieve behandelingen die min of meer bekende Nederlanders promoten op social media. Behandelingen, door werkers in de gezondheidszorg, die niet wetenschappelijk bewezen zijn. Behandelingen als acupunctuur, meridiaantherapie, homeopatie en bepaalde diëten worden door de geïnterviewden genadeloos af geserveerd als kwakzalverij. Coen doet zijn best door te opperen dat vrienden van hem toch wel baat hebben bij bepaalde behandelingen. Dat is toeval, placebo effect en bovendien gaan de meeste aandoeningen binnen 2 weken vanzelf over, volgens de geïnterviewden. Dat laatste ga ik niet ontkennen.

Behandelingen in de gezondheidszorg die niet wetenschappelijk bewezen zijn, kwakzalverij noemen is niet verstandig. Veel behandelingen in de gezondheidszorg zijn niet wetenschappelijk bewezen en worden wel aanbevolen en toegepast in de geneeskunde, ook in de gewone geneeskunde. Bovendien wat vandaag nog niet wetenschappelijk bewezen is kan dat in de toekomst wel zijn. 

Twaalf jaar gelden was mijn moeder er zeer slecht aan toe. Ze had overal pijn, lag de hele dag op de bank en voor haar hoefde het niet meer. Ik nam haar mee naar dr.Vink, een acupuncturiste in Westervoort die ook bloedonderzoek laat doen naar allergenen. De vereniging tegen Kwakzalverij loopt over van negatieve berichten over dr. Vink. Ze is geen dokter en een bedrieger. Mijn moeder krijgt een paar acupunctuur behandelingen en na bloedonderzoek wordt een lijst samengesteld van te vermijden voedingsmiddelen. Een van de producten waar ze sterk op reageert is brood/gluten. Mijn moeder gaat serieus aan de slag met het dieet en knapt in een aantal weken helemaal op. We zijn 12 jaar verder, in december wordt ze 94 e is nog gezond. Hoewel de zogenaamde deskundigen de hetze tegen gluten onzin vinden zijn er zeker wel vermoedens dat gluten het immuunsysteem op een verkeerde manier activeren en het risico op auto immuunziekten vergroten, aldus Oluf Borbye Pedersen. Pedersen is een wereld wijd vooraanstaand expert op het gebied van darmbacteriën en hoe je daarvoor kunt zorgen. 

Onze darmen worden bewoond door triljoenen micro organismen die van alles bepalen, van je risico op overgewicht tot je humeur. Pedersen bestudeert een groot deel van zijn werkende leven de inwendige chemie van het lichaam, hormonen en stofwisseling. Hoe voedt je je darmen?

Pedersen eet alleen biologisch voedsel, voornamelijk groenten, peulvruchten, wortelgroenten, fruit, vis en gevogelte. Geen tarwe, rogge en gerst vanwege de gluten. Nooit bewerkt kant en klaar voedsel en geen snoep, koek en frisdrank. Als we overwegend plantaardig eten produceert het darm microbioom duizenden moleculen die ons beschermen tegen ongeveer 30 erfelijke volksziekten, aldus Pedersen. 

Hoe ons voedingspatroon er uit zou moeten zien veranderd voortdurend. Toen ik 45 jaar geleden op de diëtistenopleiding zat moesten we menu's samenstellen met zo min mogelijk vet. Dat kon alleen als je mensen adviseerde suiker in de koffie te doen, koekje erbij en jam op brood. Dit werd wetenschappelijk onderbouwd door het voedingscentrum, dat toen nog deftig het voorlichtingsburo voor de voeding heette. Inmiddels is het voedingscentrum wel wat anders gaan denken over suiker en mag er wat meer vet in de voeding. De huidige adviezen zijn niet goed genoeg. Ze maken geen onderscheid in biologisch en niet biologisch en de aanbevolen hoeveelheid groenten en fruit zijn karig. Ze blijven verkondigen dat de adviezen gebaseerd zijn op de wetenschap. 

Ik laat me liever adviseren door charlatans en kwakzalvers. Ik bezoek al jaren 4 keer per jaar een kwakzalver, een meridiaantherapeut. Deze kwakzalver heeft mij van mijn migraine afgeholpen en van de restklachten die ik had door een verwaarloosde hersenschudding omdat geen arts er aandacht aan wou besteden. (gaat vanzelf wel over, mevrouw) Gelukkig heb ik geluisterd naar de kwakzalver Chris Verburg, die met zijn boek De Zandloper mijn voedingspatroon voorgoed veranderde met een fantastisch resultaat.  

Ik ben blij met het artikel van Pedersen. het steunt mij in mijn ideeën over welke voeding goed voor mij is. Ik voel dat ik goed bezig ben met mijn biologische groenten, groenten, groenten maar fijn is het om het eens te horen van een wetenschapper. 





maandag 30 oktober 2023

Overgang

Mijn hart maakt een sprongetje. De bodem in mijn tuin is in de overgang. Er zijn maar liefst 27 mensen komen luisteren naar Martijn. Martijn komt een lezing geven over stijgbeelden en chromatografie en wat je daarin zou kunnen zien. Ik heb een monster van mijn bodem naar hem opgestuurd. Het monster is van de bodem waar mijn kweepeer staat die het heel slecht doet. De boom ziet er ziekelijk uit, bloeit wel in het voorjaar maar er is nog nooit een kweepeer aan gekomen. Martijn heeft een chromatografie van de bodem gemaakt. Het is een prachtig plaatje. Een bal met ringen in diverse kleuren. Een buitenste donkere ring, binnen een groene cirkel en daartussen lichtbruin met tussen de buitenste donkere ring en de binnenring een bibberige witte lijn. We hebben meerdere grondmonsters bekeken en mijn monster wijkt af van de andere monsters. Martijn vraagt of ik iets wil vertellen over de bodem.

"Ik ben in september 2015 in Randwijk komen wonen en als een blok gevallen voor het stuk grond dat zich uitstrekte achter het huis met in de verte de Rijndijk en de bossen van de Wageningse berg die boven de dijk uitsteken. Gelukkig wist ik niet hoe slecht de bodem er aan toe is na een aantal jaren maïs. Een boer vertelde mij laatst dat iedereen dat weet. Een aantal jaren maïs, dan groeit er nooit meer iets anders. Niet geremd door enige kennis van de bodem ben ik aan de slag gegaan. Fruitbomen en gemengde hagen gingen als eerste de grond in. Pas toen de fruitbomen stonden te kwarren ging ik onderzoeken wat er mis was. Er was geen bodemleven, nul. Na een aantal permacultuurweekenden, een rondleiding in Ketelbroek en een cursus voedselbossen besefte ik dat ik heel hard aan het werk moest om de worm en andere bodemdieren te lokken vooral met organisch materiaal. Dit organisch materiaal moest komen van pionierbomen en planten. Elzen, wilgen, berken, populieren, en diepwortelende planten als ridderzuring, smeerwortel, paardenbloemen, distels. Het bleef lang tobben en geen enkele plaag bleef me bespaard.  Ook bij plagen is het beter niet in te grijpen, zodat ook de natuurlijke vijanden zich kunnen ontwikkelen. Na een jaar of 6 leek er een omslagpunt te komen. Het was niet alleen meer tobben en er waren ook lichtpuntjes. Veel minder slakken, meer wormen, ik zag regelmatig een egel en de fruitbomen begonnen fruit te geven. Ik ben er nog lang niet maar blijf optimistisch dat het met de groentetuin ook nog een keer gaat lukken."

Martijn vertelt dat er zeker lichtpuntjes zijn. Hij ziet in het plaatje van de bodem dat er genoeg organisch materiaal is, maar er is nog niet genoeg bodemleven om het materiaal om te zetten in stoffen die de planten kunnen opnemen. Dat is een kwestie van organisch materiaal blijven toevoegen en geduldig wachten tot het bodemleven zich ontwikkeld. Toch schokkend dat het inmiddels 8/9 jaar geleden is dat er maïs stond op mijn land en dat de bodem zich nog steeds aan het herstellen is. 

In de overgang dus. In de overgang naar een goede bodem en zolang ik er woon nooit meer maïs. 

woensdag 25 oktober 2023

vriendinnen

Al die jaren, 35 maar liefst hebben ze het voor mij verborgen gehouden. Als ik vertel dat ik mijn vroegere beste vriendin na een afwezigheid van 35 jaar weer ontmoet heb reageren mijn broer en zus unaniem enigszins afkeurend en nogal negatief op deze gebeurtenis. Ze mochten mijn vriendin niet zo. Mijn broer vond haar erg brutaal, overal zat ze tussen met haar grote mond. Een heel klein meisje met een heel grote mond reageert hij. Mijn zus heeft niet echt een reden, ze kijkt moeilijk. 

De volgende ochtend maak ik een lange wandeling en herkauw het gesprek. Wat is dat toch met vriendinnen. Ik heb in de afgelopen jaren twee heel goede vriendinnen van vroeger die ik heel lang niet had gezien (50 jaar en 35 jaar) weer ontmoet. Beide keren tot mijn grote genoegen. En de ontmoetingen zijn voor herhaling vatbaar. Waar ik toen op viel zie ik nog steeds. Het is weer meteen geweldig leuk. Het lijkt wel of ik vriendinnen uitkoos om me aan op te trekken. Mijn vriendinnen van vroeger konden of hadden iets wat ik niet had of kon. Ze durfden veel meer dan ik. Ze durfden voor hun mening uit te komen. Ze waren al iemand. Daar heb ik meer tijd voor gebruikt. Inmiddels voelt het gelijkwaardiger.

Toen ik net in Randwijk kwam wonen, 8 jaar geleden nu, was er een reünie van mijn oude middelbare school. De belangrijkste reden om te gaan was de hoop mijn oude vriendin M weer te ontmoeten die ik door mijn anorexia volledig uit het oog verloren was. Mijn vriendin van vroeger is ook alleen naar de reünie gekomen omdat ze hoopte dat ik er was. Ze vertelde dat ik toen echt haar beste vriendin was en dat ze niet begreep waar ik gebleven was. Als ik toen had geweten dat ik iemands beste vriendin was? Ik had zo'n laag zelfbeeld dat ik me dat niet kon voorstellen. Nu kan dat niet meer. Iemands beste vriendin zijn. Iedereen heeft al een beste vriendin. Dat klinkt verdrietig maar kennelijk werkt dat voor mij niet. Een jaar of twee geleden realiseerde ik mij dat ineens. Geschokt vertel ik het mijn lief": al mijn vriendinnen hebben een beste vriendin, maar dat ben ik niet". Mijn lief antwoord ontnuchterend: wat zou je daar mee gaan doen dan? "  Hij heeft gelijk. M en ik zien elkaar niet vaak, Zeker niet nadat M verhuisd is en wat verder weg woont. Maar het is altijd gezellig, vertrouwd en warm als we elkaar zien. We delen een verleden wat ik met niemand kan delen.  

Al tijdens de eerste dagen op de diëtistenopleiding trokken T en ik met elkaar op. Toen T een peesontsteking in haar hak kreeg en niet mocht lopen en fietsen, haalde ik haar elke ochtend op. Achterop de fiets naar school of niet naar school. We gingen zeker niet altijd naar school. Ik kan me herinneren dat we soms hele dagen zaten te kletsen en de stad in gingen. Ik had ook wel andere groepjes vriendinnen waar ik mee optrok die andere luikjes in mij opentrokken, maar T bleef mijn beste vriendin denk ik. We gingen ook samen op vakantie met onze geliefdes. T bleef mijn vriendin tot we samen in een woongroep kwamen wonen. De bedoeling was met ons vieren te gaan wonen, allebei met onze vaste verkering. Dat liep anders, de verkeringen gingen uit, we zochten elkaar minder en tenslotte helemaal niet meer op. 

Mijn vriendin ging verder studeren en ik werd moeder. Of dat de oorzaak is van onze verwijdering weet ik niet. Ik denk ook dat ik veel tijd nodig heb gehad om te herstellen van anorexia. Anorexia is een aandoening die pas als het niet meer zichtbaar is voor de grootste problemen zorgt heb ik gemerkt. Je ligt als het ware jaren achter op leeftijdgenoten. Het is voor mij goed geweest om mijn banden met het verleden tijdelijk te verbreken en weer te herstellen nu ik zelf herstelt ben. 



zaterdag 7 oktober 2023

marketing

 Ik wil heel graag een oplossing voor de obesitasepidemie. Een oplossing waar mensen die worstelen met overgewicht iets aan hebben, Ik lees te vaak over het esthetische aspect van overgewicht. Daar gaat het natuurlijk niet om. Ik lees over fatshaming en over dat het absoluut niet de schuld van mensen zelf is dat ze te zwaar zijn. Ook niet interessant, wiens schuld het is. Zogenaamde deskundigen blijven over het probleem praten in plaats van met de mensen, dat gaat allemaal niet helpen. Terwijl het probleem dat de helft van de mensen overgewicht heeft, heel ernstig is. Het is een groot probleem voor je gezondheid. Daar zou de focus moeten liggen. Uit een onderzoek naar de relatie overgewicht en Corona is gebleken dat van de 30.000 mensen oversterfte er maar liefst 25.000 overgewicht hadden. Je immuunsysteem werkt niet goed als je overgewicht heb en ook heb je een grotere kans om kanker te krijgen. Het aantal kankergevallen neemt toe, maar al te makkelijk wordt dat gegooid op de steeds ouder wordende bevolking. Ik denk dat het toenemend aantal mensen met overgewicht hier een grotere rol in speelt. Als je dan weet dat veel mensen niet gemotiveerd zijn om gezonder te gaan eten en liever geen advies willen over wat ze wel en niet zouden moeten eten. "Daar heeft niemand iets mee te maken". Jij hoeft mij niet te vertellen wat ik moet eten.

Het probleem is dat de supermarkten dat nou juist wel doen. Die bepalen voor groot gedeelte wat wij in ons mandje leggen. Zou het niet helpen als mensen verteld wordt dat de supermarkten door trucs bepalen wat jij eet. En dat jij de enige bent die daar iets aan kan doen. En dat de supermarkten helemaal niet blij worden als jij gezonde keuzes gaat maken.  

In plaats van leefstijlprogramma's of suiker belasting zou de overheid supermarkten kunnen verbieden om mensen te verleiden om zoveel mogelijk ongezonde producten te kopen. Als je goed kijkt naar de inrichting van de supermarkt zie je dat er veel winst te behalen is om mensen te verleiden vooral gezonde producten te kopen. Bijvoorbeeld bij de kassa liggen zakken met fruit in plaats van snoep.  

Ik zie echter meer in een cursus marketingtrucs op school. Welke vallen staan er allemaal voor ons op scherp. Je wil toch graag zelf de baas zijn over je koopgedrag. In plaats van mensen voor te lichten over gezonde voeding, kun je beter laten zien hoe je de baas kunt blijven over je eigen koopgedrag, In samenwerking met aanpassingen in de supermarkt levert dat misschien meer op dan adviezen. Mensen willen ten slotte graag zelf de baas zijn over wat ze eten.

Ik reken af bij de zelfscankassa. Ineens zie ik overal rekken met pepernoten. Ik wordt kwaad, daar trap ik niet in. Ik kom sowieso bijna nooit met een impulsaankoop thuis. Toch denk ik dat het minder goed werkt. Je hoeft niet te wachten bij de zelfscan, dus je komt minder in de verleiding.